Maandelijks archief: februari 2014

Op de valreep nog ff naar Frankrijk

Yayo en Vitello moeten dringend naar Saint Laurent du Maroni: de steiger van La Goelette, Yayo’s restaurantboot, moet hoognodig gerepareerd worden. En wij mogen mee! Fer om te werken, en ik om stadje en

SAM_0577

omgeving te proeven en een beetje te zorgen voor de harde werkers. Dus oostwaarts met veel hardhout en veel gereedschap. In Albina alles overladen in een van de vele pirogues/korjaals op de Marowijnerivier en illegaal de grens over naar Frans Guyana.

SAM_0579

 

 

Er is een veerboot, maar dit is sneller, makkelijker en goedkoper want geen gedoe met visum. Het is zondagavond en op La Goelette pikken we nog een fantastisch Jazz-concert mee, gevolgd door jamsessies van zo ongeveer alle muzikanten die St. Laurent rijk is. Wat een sfeer! Heerlijk!
Maandagochtend moeten Fer, Vitello en Yayo gelijk aan de slag. De steiger afbreken en dat blijkt nog een hele klus.

SAM_0626 SAM_0613 SAM_0615

 

 

Ik ga op verkenning uit. Saint Laurent is vooral bekend door de verfilming van Le Papillon, naar het boek van Henry Charrière. Ik bezoek het beruchte deportatiekamp, el bagno, de gevangenis voor tuig dat ver van moederland Frankrijk opgesloten werd.

SAM_0630 SAM_0633

Veel inwoners van Saint-Laurent spreken Nederlands of Sranantongo; in de koloniale periode (18e en 19e eeuw) vluchtten veel Marrons over de Marowijne naar Frans-Guyana, waar ze dezelfde stamverbanden en talen overbrachten. De binnenlandse oorlog in Suriname eind jaren 80 bracht ook een vluchtelingenstroom op gang; ze zijn allemaal gebleven o.w.v. de riante sociale voorzieningen binnen de Franse en Europese wetgeving.

Qua sfeer is St. Laurent echt koloniaal Frans, de hele entourage met croisantjes en al. Heel bijzonder en heel lekker. Kuieren door het kleine stadje en langs de rivier, een heerlijk passeren van de tijd. Ik ben blij dat ik mijn paraplu mee heb tegen regen en de ongenadige zon.

Het steigerwerk was op anderhalve dag geraamd maar duurt uiteindelijk 3 dagen. Steigerwerk in de volle zon, ontzettend warm voor de mannen! Ik stop ze met enige regelmaat wat toe en vooral Fer houd ik in de gaten; de Gambia-ervaring in 1999 (Fer volledig gedehydrateerd) staat me nog op het netvlies.

SAM_0638

 

SAM_0640

We komen laat aan in Paramaribo, en dan begint voor ons het aftellen. Maar een ding staat inmiddels vast: uiterlijk begin augustus gaan we terug voor minimaal een jaar!

Het bos in!

We zijn alweer een hele tijd thuis en ik ga jullie nu vertellen hoe heerlijk het in de bosjes was en is.

Om heel diep de jungle in te gaan moet je het vliegtuig nemen, en als niet heel ver wil, kan je vanaf Atjoni met de boot naar boven.

Het gebied wordt Bovensuriname genoemd, terwijl het zuidelijk ligt t.o.v. de dichtbevolkte kuststrook. En dichtbevolkt moet je natuurlijk relatief zien in een land met 550.000 inwoners. Atjoni ligt aan de zuidkant van het Brokopondomeer, en het is de algemene vertrek- en aanmeerplaats van korjaals, de boten die naar de marrondorpen aan de Surinamerivier varen.

Atjoni1Atjoni2

 

 

 

 

 

 

Marrondorpen zijn de dorpen gesticht door gevluchte slaven die door de hulp van de (trio)indianen leerden overleven in het oerwoud. De Saramakanen (Marrons van het district Saramaka) maken zelf hun korjaal uit een boomstam en voor het vervoeren van passagiers en goederen maken zij een opbouw van plankhout. Een leuk kleurtje erop en je herkent de eigenaar van verre.

Onze eerste aanmeerplaats was Pasensie in Pikin Slee, een kunstenaarsdorp, met 4000 inwoners het grootste dorp van Bovensuriname. Wij gingen op de bonnefooi en het was meteen duidelijk waarom dat toch niet zo’n heel goed idee is. Maar goed, uiteindelijk hebben we gegeten en gedronken, een heerlijke avond, alleen wij, op het terras, volle maan.

PikinSlee2PikinSlee

Het leuke van Pikin Slee is dat je overal kunstwerken tegenkomt van tropisch hout, veelal  meubelstukken die uit één stam vervaardigd zijn; er zitten zelfs klapstoelen bij! De vrouwen bewerken kalebassen tot gebruiksvoorwerpen (lepels, mokken, schalen) en versieren ze met verschillende patronen inkervingen. Vijf van de lokale kunstenaars hebben met de hulp van een Nederlandse het Samaaka MarronMuseum opgericht, een mooie informatieve tentoonstelling over de cultuur van de Marrons. Het vertelt over de hiërarchie, granman en kapiteins, de typische inrichting van mannenhutten en vrouwenhutten, hoe je kan zien of een meisje verloofd of getrouwd is en wie dat soort dingen allemaal regelt, over overleven, leven en dood, over winti, kortom over de marroncultuur. Eenmaal terug bij Pasensie ontmoeten we beheerder Kitty, een Nederlandse die op een boerderij aan de rand van Paramaribo woont met man, pleegkinderen, pleegdoodshoofdaapje en dito ara. De sfeer is gelijk anders, een tafelkleedje, actie en werk in/aan de winkel, en we voelen ons ineens heel welkom. Voor ons een heel mooie ervaring: een wereld van verschil tussen een dag zonder en een dag met (Nederlandse) beheerder.

Botopassi3 Botopass2Botopassie in Botopasi, 10 minuutjes stroomopwaarts, is onze volgende stop. Resort Botopassie is het verhaal van Corrie en bootsman Haidi. Kijk op hun site en weet ervan! Botopassie is vakantie! Heerlijk eten, 3 maaltijden vol met uitzonderlijk veel groenten (zeer ongewoon in Suriname) en fruit. Wederom prachtig uitzicht en heel relaxed in hangmat en hangstoel en leuke mensen in de buurt. Nog een dagtocht naar Tappawatra, een grote en prachtige sula (stroomversnelling), 2 uur stroomopwaarts, en ‘natuurlijk’

Tapawatra

genoten van een heerlijk massage- en bubbelbad, een lekkere lunch en weer 2 uur stroomafwaarts.De tocht is af en toe best wel spannend; de waterstand is laag en de bootsman moet heel goed tussen zichtbare en onzichtbare rotsen manoevreren… één fout en de boot ligt om, midden in een stroomversnelling.

TeiWei2TeiWei1

De laatste stop deze reis is Tei Wei in Gunsi. Tei Wei is het resort van een lid van de Assemblee (het Surinaamse parlement) en is gebouwd op een heuvel. Heel anders en heel Surinaams. De paalhutten hebben een prachtig uitzicht over de rivier. Lekker zwemmen, lekker wandelen in de jungle, lekker biertje pakken in de kroeg van het buurdorp en via de airstrip weer terug. Ondertussen is het gaan regenen; en het bleef regenen. Daar kreeg ik het zo koud van dat ik de slaap niet kon vatten. Dekens hebben ze niet; pas toen ik helemaal gekleed onder m’n regencape lag, ben ik in slaap gevallen. Een beetje apart, maar er zijn meer mensen waarbij de thermostaat een beetje raar doet…

Fer&10indekorjaal

En dan weer terug, na een heerlijk ontbijt. De boot op, de bus in, en vroeg in de middag weer ‘thuis’. Wat was dat een fantastische week!